Makita JS1602 Trimmer User Manual


 
19
WAARSCHUWING:
LAAT NIET uw vertrouwdheid met het gereedschap
(na regelmatig gebruik) omslaan in slordigheid of
onachtzaamheid omtrent de strikt na te leven
veiligheidsvoorschriften voor dit product.
VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de
veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing
kan leiden tot ernstige verwondingen.
BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIES
LET OP:
Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de
stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens de
functies op het gereedschap te controleren of af te
stellen.
Werking van de schakelaar (Fig. 1)
LET OP:
Controleer altijd, voordat u de stekker in het
stopcontact steekt, of de schuifschakelaar op de juiste
manier schakelt en terugkeert naar de “UIT” stand
wanneer u op de achterkant van de schuifschakelaar
drukt.
De schakelaar kan in de “AAN”-stand vergrendeld
worden, hetgeen bij langdurig gebruik comfortabeler
werkt. Wees extra voorzichtig wanneer u de schakelaar
in de “AAN”-stand vergrendelt en houd het
gereedschap altijd stevig vast.
Om het gereedschap te starten, schuift u de aan/uit-
schakelaar naar de “I (AAN)”-stand. Voor continu gebruik
drukt u de voorkant van de schuifschakelaar in, om die te
vergrendelen.
Om het gereedschap te stoppen, drukt u op de
achterkant van de aan/uit-schakelaar en schuift u die
naar de “O (UIT)”-stand.
Toegestane snijdikte (Fig. 2)
De groef in het juk doet dienst als diktemaat voor de te
knippen zachtstaalplaat of roestvrijstaalplaat. Als het
materiaal in de groef past, kan het gereedschap dit
knippen.
De dikte van het door te knippen materiaal hangt af van
het soort materiaal (de treksterkte ervan). De maximale
knipdikte voor diverse materialen wordt in de tabel
hieronder aangegeven. Probeer niet om materialen te
knippen met een grotere dikte dan hier staat
aangegeven, want dat kan leiden tot defecten aan het
gereedschap en/of lichamelijk letsel. Werk dus altijd
binnen de dikte die in de tabel staat aangegeven.
006425
INEENZETTEN
LET OP:
Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de
stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens enig
werk aan het gereedschap uit te voeren.
Controle van de messen
Controleer vóór het gebruik van het gereedschap altijd
eerst de messen op slijtage. Botte of versleten messen
veroorzaken een slechte knipbeweging en verkorten de
levensduur van het gereedschap.
Draaien of vervangen van de snijmessen (Fig. 3,
4, 5, 6, 7 en 8)
Zowel het bovenste als het onderste mes heeft aan beide
kanten (de voor- en achterkant) vier snijranden. Wanneer
de snijrand bot geworden is, dient u het bovenste en
onderste mes 90° te draaien zodat de nieuwe snijranden
zichtbaar worden.
Wanneer alle acht randen van zowel het onderste als het
bovenste mes bot geworden zijn, dient u beide messen
door nieuwe te vervangen. Telkens wanneer u de
messen draait of vernieuwt, gaat u als volgt te werk.
Verwijder de borgbouten van de messen met de
bijgeleverde zeskant-inbussleutel en draai of vernieuw
daarna de messen.
Bij sommige gereedschappen zit er een sluitring tussen
het bovenste mes en de meshouder. Als het
gereedschap zo’n sluitring heeft, gebruikt u dan tijdens
het hermonteren ook vooral de dunne sluitring.
OPMERKING:
Bij het onderste mes worden er geen dunne sluitringen
gebruikt.
Monteer het bovenste mes en zet de borgbout van het
bovenste mes vast met de zeskant-inbussleutel. Druk
het bovenste mes omhoog terwijl u de bout vastzet.
Na het vastzetten van het bovenste mes dient u op te
letten dat er geen kier of speling open blijft tussen het
bovenste mes en het afgeschuinde oppervlak van de
meshouder.
Wanneer u het onderste mes op het juk monteert, dient u
het onderste mes zodanig tegen het juk te duwen dat het
in aanraking komt met de afgeschuinde gedeeltes A en B
van het juk en de bovenkant C van de stelschroef van
het onderste mes terwijl u de borgbout van het onderste
mes vastzet. Bij het monteren mag er tussen A, B en C
geen kier of speling open blijven.
OPMERKING:
• De stelschroef van het onderste mes is in de fabriek
vast gemonteerd. Probeer er niet mee te knoeien.
Materiaal
Treksterkte
(N/mm
2
)
Max. knipdikte
(mm)
Zachtstaal (A) 400 1,6 (16 ga)
Hardstaal (B) 600 1,2 (18 ga)
Roestvrijstaal 800 0,8 (22 ga)
Aluminium plaat 200 2,5 (13 ga)